Niveau A, hoofdstuk 4: Wat heb je dit weekend gedaan?
Hallo weer!
O, ik kijk uit naar deze les.
In deze les behandelen we de perfect tense.
Om eerlijk te zijn, heb je nu middelen, om op maandagochtend, bij de coffeecorner, een gesprek te hebben, over afgelopen weekend!
Je gebruikt deze drie vragen als basis:
- Wat heb je afgelopen weekend gedaan?
- Waar ben je geweest?
- Waar ben je naartoe gegaan?
En je varieert op deze vragen.
Hello again!
Oh, I’m looking forward to this lesson.
In this lesson we cover (treat) the perfect tense.
(INF behandelen = with you hands on the topic: to handle, treat, cover)
Honestly, (to be honest, fair; sic), now you’ve got tools, to have a conversation, on a Monday morning, at the coffee corner, about last weekend!
You’ll use these 3 questions as a starting point:
- What have you been doing, last weekend?
- Where have you been?
- Where did you go to?
And you’ll vary on these questions.
In deze les leer je
- vocabulaire onregelmatige verba in de perfect tense
- perfect constructie V2
- perfect selectie V1
- lezen over een vakantie en/of een weekend
- herkennen van V2
- herkennen van V1
- schrijven over een vakantie en/of een weekend
In de conversatieles zal de trainer je diverse vragen stellen, in de perfect tense.
Hieronder vind je de nieuwe wallpaper voor je koelkast:
